Wij denken bij deze vraag aan zieken die gebukt gaan onder zijn of haar ziekte. Het gaat hier niet over zieken die na enkele dagen, of na een bezoek aan de dokter, weer op de been kunnen zijn. Wij denken ook aan zieken die bij de oudsten bekend staan, en die bereid zijn tot zelfonderzoek en correctie. Dat betekent niet dat zalving slechts voor christenen is die de dingen goed kunnen zeggen en zogenaamd een hoog geestelijk niveau hebben. Dat zou een verkeerde voorstelling van zaken zijn. Ziekenzalving gaat niet over geestelijke status. Juist de geestelijk kwetsbare mag zich in alle zwakheid op Gods genade werpen. Jakobus schrijft daarom: "Het gebed van een rechtvaardige vermag veel, doordat er kracht aan verleend wordt. Elia was slechts een mens zoals wij ..." (Jakobus 5:16b-17a). De Here Jezus zei: "Zalig de armen van geest, want hunner is het Koninkrijk der hemelen" (Mattheüs 5:3).
Ook kinderen kunnen, op het geloof van de ouder(s) of verzorger(s), worden gezalfd. Een voorbeeld in de Schrift is de Kananeese vrouw. Haar dochter is ernstig ziek (geestelijk en waarschijnlijk daardoor ook lichamelijk), en zij roept de Here Jezus om hulp. Omdat zij niet opgeeft roemt Jezus haar geloof, en wordt haar dochter genezen (Mattheüs 15:21-28).